nov
11
Zoals de meesten van jullie weten heeft Kim een baan bij Autodesk tegenwoordig en moet ze van tijd tot tijd op zakenreis. Zo is ze al een keer naar Singapore geweest voor een week en een tijdje geleden moest ze voor vergaderingen naar Tokyo voor een paar dagen. Omdat wij beiden nog nooit in Tokyo waren geweest besloten we dat ik maar mee zou gaan zodat we samen wat dagen in Tokyo door konden brengen en ik wat “extra” dagen terwijl Kim aan het werk zou zijn.
Zo gezegd, zo gedaan. Ticket geboekt, hotel geregeld en zo stonden we op vrijdagavond 8 oktober om 9 uur ‘s avonds in een bijna verlaten Sydney airport te wachten om te boarden. Er gaan maar een paar vluchten naar Tokyo vanaf Sydney en maar 1 rechtstreeks, alle andere vluchten hebben een tussenstop in de Gold Coast, en die hadden wij dus geboekt met Qantas. Het is een nachtvlucht en omdat zowel Sydney als Tokyo een vliegverbod hebben tussen 23.00 ‘s avonds en 6 uur ‘s ochtends vertrek je dus ‘s avonds om 22.30 uit Sydney en land je om 6 uur precies in Tokyo. Veel slapen hebben we niet gedaan, al viel de kwaliteit van het Qantas zitmeubilair ons alleszins mee. Nog wat filmpjes gekeken en wat gegeten en toen was het al vrij snel zaterdagochtend en stonden we op Narita Airport.
Koffers opgehaald, door de douane heen. Fijn, moet je daar tegenwoordig ook al je vingerafdrukken en je foto achterlaten. Afijn, het ging allemaal vrij snel. Na de douane meteen maar de limousine bus geregeld, dat is een touringcar service die tussen het vliegveld en alle wijken van Tokyo rijdt, even wat geld uit de automaat gehaald en op naar Tokyo. Nu ligt Narita anderhalf uur met de bus buiten Tokyo dus we hadden nog even te gaan.
Ons eerste hotel lag in de wijk Akasaka, midden in het centrum, een redelijk budget hotel. We waren uiteraard veel te vroeg daar, half elf ‘s ochtends, dus inchecken was nog niet mogelijk. Wel konden we onze bagage achterlaten. Snel even chemisch gedouched en toen de straat op. Eerst maar even een paar paraplus gekocht, want het regende aardig, en toen even rustig gaan zitten in een koffieshop voor een laat ontbijt. We hadden bij het hotel een kaart meegenomen zodat we uit konden zoeken wat we wilden gaan doen. Zoals jullie kunnen begrijpen hebben we die dag niet veel gedaan. We zijn een stuk gaan wandelen en zijn uitgekomen bij een shrine vlak bij ons hotel, de Hie-Jinja shrine. Onze eerste kennismaking met het “oude” Japan.
Tokyo is namelijk een stad vol wolkenkrabbers, er wonen 35 miljoen mensen binnen de “stadsgrenzen”, zo’n 2 keer de bevolking van Nederland. Dat betekent dus heeeeel veeeeeel wolkenkrabbers. En tussen al die wolkenkrabbers vind je dus van allerlei shrines, tempels en allerlei oude gebouwen. Heel apart.
Verder zijn we ook nog naar Ueno Park gegaan, waar het Tokyo National Museum en het National Science Museum ligt. Helaas was alleen het science museum open en, omdat het regende, zijn we daar maar naar binnen gegaan. Het was vrij druk, waarschijnlijk ook omdat het regende, en dus was het slalommen om de gezinnen met kinderen, opa’s, oma’s en wat ze al niet meer meesleepten. Na een paar uur hadden we het toch wel gezien en waren we toch vrij uitgeput van al het lopen en werd het tijd om terug naar het hotel te gaan.
Afijn, de eerste dag was vrij snel voorbij, ingechecked en snel nog even wat eten gehaald bij de lokale “supermarkt”, biertje erbij en op tijd naar bed want we waren doodmoe.
De volgende dag eerst maar even ontbeten in het hotel en onze plannen gemaakt. Het was zondag en we hadden gelezen dat Ginza die dag autovrij zou zijn. Ginza is het dure winkeldistrict van Tokyo centrum met winkels als Gucci, Dolce & Gabana, Tiffany’s en meer van dat soort dure merken. Beetje te duur voor ons, dus wij zijn maar begonnen met een vroege lunch bij Matsuzakaya, een groot Japans warenhuis. Die hebben een Parijse lunchroom met uitzicht op 1 van de bekendste “kruisingen” van Ginza waar we genoten hebben van thee met een champignon salade voor mij en een lekker cupcakeje voor Kim. Na de lunch zijn we door de winkelstraten van Ginza gelopen alwaar Kim een paar shirtjes gescoort heeft.
s’ middags zijn we doorgegaan naar Shibuya, wat bekend staat om de tempel die ze daar in het park hebben staan en de jeugd die zich in de buurt van de ingang van het park ophoudt, verkleed als de meest uiteenlopende figuren, van superhelden tot stripfiguren. Na een tocht door het park, kwamen we uit bij de Meiji Shrine. Veel Japanse gezinnen die onderweg waren om hun kinderen te laten dopen of een bruiloft bij te wonen. De tempel is schijnbaar zeer geliefd als trouwlocatie, ook voor trouwfoto’s trouwens getuige de constante stroom bruidsparen die zich gewillig lieten fotograferen in originele kledij.
Na een tijdje rondgekeken te hebben zijn we nog even doorgegaan naar een winkelstraatje naast het park en daarna terug naar het hotel. ‘s avonds hadden we bedacht dat we naar Carne Station zouden gaan om te eten. Dat is een soort van BBQ restaurant waar je voor 3.000 Yen pp ( 20 Euro) onbeperkt kan eten en drinken. Je krijgt dan een tafel met ingebouwde BBQ waar je je eigen eten op klaar kan maken. Het was redelijk druk en helaas mocht je in het restaurant roken, is vrij normaal in Japan, maar het eten smaakte prima en we hebben ons dan ook goed vermaakt. Op de terugweg nog even door Ginza gelopen om alle lichtjes te bekijken waar Ginza dus ook om bekend staat.
Op maandag moesten we uitchecken omdat we naar een ander hotel gingen, het hotel wat Kim’s werk voor ons had geregeld. Een iets duurder hotel deze keer. Nadat we “verhuisd” waren zijn we weer naar een tempel vertrokken, deze keer de Sensoji tempel in Asakusa. Hier was het ontzettend druk, deze keer omdat het een vrije dag was in Japan vanwege de national sportdag. Dat betekende dus ook dat een aantal dingen dicht zaten. Zo waren we eigenlijk van plan om naar het Imperial Palace te gaan maar dat zat dicht. De tempel was best mooi alleen het park wat er omheen zat vrij klein en dus vrij druk. We zijn na het bezoek aan de tempel maar weer terug gegaan naar Ginza waar we nog even lekker hebben genoten van een paar glaasjes bier. Kim moest de volgende dag aan het werk dus we hebben het niet al te laat gemaakt die avond.
De dinsdag was dus voor mezelf en die heb ik gebruikt om eerst maar eens uit te slapen om daarna nog meer van de stad te gaan bekijken. Zo heb ik op de 45e etage van een overheidsgebouw genoten van een fantastisch uitzicht over de stad. Dit is gratis en geeft een goed beeld van de stad. In de buurt nog even rondgewandeld en toen weer terug naar het hotel om Kim op te halen. ‘s avonds was er namelijk een festival Ikegami Honmoji in het zuiden van de stad. Dit is een heel populair festival waar meer dan 100.000 mensen op af komen. Zo ook wij, en zo bevonden we ons op een gegeven moment midden in een enorme mensenmassa onderweg naar de tempel. Overal lampionnen en lichtjes. Nadat we boven nog een biertje hadden gehaald en ons offer hadden gebracht zijn we weer terug gegaan naar ons hotel, het was ondertussen bijna middernacht en Kim moest de volgende dag gewoon weer werken.
De volgende dag had ik de hele dag en avond voor mezelf, Kim zou met haar collega’s gaan barbequen op een boot. Ik had besloten dat het tijd werd om wat meer cultuur op te nemen en wat minder wolkenkrabbers, op naar Kamakura dus waar een aantal tempels bij elkaar te vinden zijn. Na een half uur uitzoeken welke trein ik moest nemen op het station, alles was in het Japans met vrij minimale Engelse uitleg, had ik uiteindelijk toch de juiste trein te pakken en een uur later stond ik in Kita-Kamakura. Er ligt een tempel pal naast het trein station dus dat was de eerste bestemming. De tempel heet Engakuji en is 1 van de meest belangrijke Zen Boeddistische tempels in Japan. Dit was tevens ook de eerste tempel waar ik entree moest betalen, dit komt ten goede aan het onderhoud van de tempel. Engakuji is namelijk vrij groot en bestaat uit een aantal verschillende tempels, theehuizen, zen tuinen en kerkhoven. Ik was in de veronderstelling dat ik wel een 5-tal tempels in 1 dag zou kunnen bekijken maar nadat ik al 2 uur nodig had om alleen Engakuji te bekijken heb ik die hoop maar opgegeven, het was ten slotte vakantie en ik had geen zin om me te gaan haasten. Engakuji ligt tussen de bergen in, helaas mag je niet overal naar binnen maar er was genoeg te zien. Ik heb zelfs nog even 200 Yen extra betaald om de zen rustgevende tuin in te gaan om helemaal tot rust te komen. Het vreemde hieraan was dat de route door 2 kerkhoven werd geleid… Rustig? Ja. Rustgevend? Niet echt…
Nadat ik de kaart nog eens goed bestudeerd had ben ik naar Meigetsu-in gelopen, dit is een kleinere tempel die wat verder van het station vandaan ligt. Ook hier moest ik weer entree betalen voor het onderhoud. Deze tempel was wat intiemer en lag volledig omsloten door tuinen. Overal vond je kleine zen tuintjes, bamboe tuinen en veel bloemetjes. Meigetsu-in staat ook bekend om het uitzicht door 1 van hun thee huizen. Daar zit namelijk een ronde opening aan 1 zijde waar je doorheen kijkt en de tuin die er achter ligt als een soort van schilderij bekijkt. Om dat te kunnen doen moet je ook weer entree betalen, maar daarvoor krijg je een kop thee met koek terug en de opbrengst hiervan gaat naar Unicef.
Na ook daar een uurtje te hebben rondgewandeld ben ik op weg gegaan naar Kamakura zelf. Onderweg kom je dan vanzelf bij Kenchoji uit. Dit is 1 van de 5 beste zen tempels in Japan. Na een kwartier stevig wandelen kwam ik daar uiteindelijk ook uit maar ben niet naar binnen gegaan. De hele binnenplaats stond vol met toerbussen en alles zag er veel te commercieel uit, laat maar. Gewoon doorwandelen naar Kamakura zelf, oordopjes ingedaan en de mp3-speler op de telefoon aangezet om de pas erin te houden, want van Kita-Kamakura naar Kamakura is een kilometer of 3 en met al dat gewandel binnen de tempels en tussen de tempels was ik al vrij moe geworden. Onderweg nog een paar keer uitgeweken voor groepen schoolkinderen met begeleiders, Kamakura is een gewilde plek voor excursies kwam ik achter en toen stond ik na een minuut of 20 bij Tsurugaoka Hachimangu. Dit is een heilige plek en vanaf de trap heb je een mooi uitzicht over Kamakura. Helaas liet mijn geluk me daar een beetje in de steek want toen ik mijn mp3-speler op mijn telefoon uit wilde zetten kwam ik erachter dat het scherm gesneuveld was. Ik had bij het uitwijken voor de schoolkinderen een paaltje geraakt en dat betekende het einde van mijn telefoon. Drie kwart van het scherm was niet meer leesbaar, balen dus!!!
Ondertussen liep het ook al tegen het einde van de middag en ik wilde eigenlijk de zonsondergang nog zien op het strand, helemaal aan de andere zijde van Kamakura, zo’n 4 km lopen. Dit ging niet lukken dus nadat ik nog even heb staan kijken in de enorme koikarper vijver aan de voet van de trap heb ik maar een rickshaw genomen. Dit zijn twee-wielige wagens die door een loper getrokken worden. Soort van paard en wagen maar dan met een man in plaats van een paard. Ik had namelijk wel even genoeg van al dat geloop en vond het wel eens tijd om mezelf te verwennen. Dus voor een luttele 4.000 Yen werd ik netjes op het yuigahama strand afgeleverd. Ik had gelukkig een hele vriendelijke rickshaw loper die me zelfs nog een mobiele asbak cadeau gaf omdat ik een sigaartje op het strand wilde roken en je daar schijnbaar je eigen asbak mee moest nemen. Dus met asbak en sigaren heb ik me toen op het strand genesteld en heerlijk een uurtje zitten genieten van de zonsondergang en een paar kleine sigaartjes.
Nadat de zon ondergegaan was ben ik maar begonnen met de terugreis naar het station, toen waren mijn voeten weer een beetje bijgekomen van het vele lopen. Eenmaal in Tokyo ben ik maar gewoon terug gegaan naar het hotel. Daar aangekomen moest ik ook nog eten, Kim was met haar collega’s weg dus ik was in mijn eentje. Het hotel had een all-you-can-eat aanbieding voor 3.000 Yen en dat heb ik maar gedaan. Dus zo bevond ik me als enige westerling in een zaal vol met luidruchtige, dronken Japanners die zich tegoed deden aan het buffet. Ik had mijn boek meegenomen en heb op mijn gemakje wat biertjes gedronken en goed gegeten totdat Kim terug kwam.
De volgende dag was de laatste dag voor mij alleen en dus ook de laatste dag dat Kim moest werken. Ik heb die dag maar eens een rustdag genomen, op mijn gemakje uitgeslapen en ontbeten buiten het hotel. Na het ontbijt ben ik lopend naar het Imperial Palace gelopen, dat lag vlak bij het hotel. Het Imperial Palace is de woning van de keizer van Japan. Ik had voordat we vertrokken al gekeken of er rondleidingen gegeven werden maar helaas waren die allemaal al volgeboekt, ik moest me dus beperken tot de Imperial East Gardens. Daar kan je vrij naar binnen, dus daar heb ik me een paar uurtjes vermaakt met wat dingen bekijken en wat foto’s maken. De tuinen sluiten om half 5 en ik was er pas om 3 uur ‘s middags dus heel veel tijd heb ik er niet doorgebracht.
Die avond zijn we met zijn tweetjes lekker gaan eten in een heel klein Japans restaurantje waar niemand Engels sprak en er geen enkele vertaling stond in het menu. Op goed geluk dus maar iets gekozen van de plaatjes, het was een noedel restaurant dus er kon niet heel veel fout gaan. Het was inderdaad heel lekker en ze hadden zelfs nog bier op het menu staan. Die avond zijn we maar op tijd naar bed gegaan want de dag daarna zou onze laatste dag zijn in Tokyo. Die hadden we oorspronkelijk bedacht om in Disneyland Tokyo door te brengen maar met de treinverbindingen tussen Tokyo en Disneyland en de verbinding naar het vliegveld was dat niet echt een goed idee. Dus dat idee hebben we maar laten varen. We zijn in plaats daarvan maar naar Electric City gegaan. Dit ligt in Akihabara en is een wijk in Tokyo waar allemaal electronika winkels/handelaren zitten. Je kan het zo gek niet bedenken of je kan het daar krijgen, van PC’s tot allerlei soorten stekkers en kabels. Na hier een tijdje rondgebanjerd te hebben zijn we nog even de Hama-Rikyu tuin gegaan. Lekker even genieten van het uitzicht en op het gemakje uitblazen voordat we weer terug zouden vliegen naar Sydney. Terug naar het hotel om de bagage op te halen en toen stond al vrij snel de bus weer klaar om ons naar het vliegveld te brengen. Weer 8 uur in het vliegtuig en toen stonden we weer in Sydney en was onze week vakantie weer voorbij.
Dat brengt ons op de volgende nieuwtjes die we hebben. Per 1 december begin ik (Bas) aan een nieuwe baan. Met een beetje rekenwerk kom je tot de conclusie dat we hier ondertussen al bijna 3 jaar wonen en mijn contract bij Swisslog was ook maar voor 3 jaar. Normaal zou dit verlengd worden en zouden wij een permanent visum aanvragen om hier nog wat langer te blijven, echter Swisslog heeft besloten om mijn contract niet te verlengen vanwege bezuinigingen die doorgevoerd moeten worden. Dit heeft tot gevolg dat ik gedwongen werd om een andere baan te zoeken, wilden we in Sydney blijven, en dit is dus ook gelukt. Per 1 december begin ik bij SSI Schaefer als Systems Consultant. Schaefer is een concurrent van Swisslog en dat heeft tot gevolg gehad dat ik dus nu op non-actief gesteld ben dus ik zit een maandje thuis. Niet dat dat erg is, wat vrije tijd is altijd mooi meegenomen, en dat betekent dat we ook wat tijd hebben om op vakantie te gaan.
Aanstaande zaterdag vliegen we naar Adelaide om daar een weekje door te brengen. We hebben een luxe 2-persoons camper gehuurd voor 5 dagen om de omgeving te gaan verkennen en we blijven een paar dagen in een hotel in de stad zelf om de stad te gaan bekijken. Daar hebben we allebei ontzettend veel zin in, even weg uit de drukte en gewoon weer even tot rust komen. Het is ook vrij druk in Kim haar baan dus die kan sowieso wel wat rust gebruiken.
Daarnaast ga ik nog wat langer op vakantie, ik grijp de kans aan om een camper relocation te gaan doen van Adelaide naar Cairns. Dus ik ben nog een dag of 10 langer weg met deze camper, een trip van ongeveer 3.500 – 4.000 km.
Het goede nieuws kan niet op, we hebben afgelopen zaterdag een nieuwe auto gekocht voor Kim!! We hebben de Saab ingeruild voor een Kia Soul uit 2009 met 7.500 km op de teller. Een zwarte met rood/zwart interieur. Uiteraard is het een automaat, het is het topmodel wat in 2009 geleverd is met praktisch alle opties behalve een zonnedak. De Saab werd toch een beetje oud en gammel en omdat Kim iedere dag op en neer naar haar werk moet is het toch belangrijk dat ze een betrouwbare auto heeft. De Kia heeft nog 4 jaar fabrieksgarantie dus dat is toch wel een goed gevoel. Binnenkort plaatsen we de foto’s.








































Amsterdam Time
Sydney Time